Kaderrichtlijn Water
De Kleefse beek wordt ten zuiden van Heijen met kleinschalige ingrepen over een lengte van 700 meter natuurvriendelijker ingericht.
Dit is onderdeel van een groter ecologisch herstelprogramma voor de Maas vanuit de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). De biodiversiteit in en langs de rivier is de afgelopen 150 jaar achteruitgegaan door allerlei menselijke ingrepen als het vastleggen van de oevers, plaatsen van stuwen en afsnijden van meanders en geulen.
Veel van de oorspronkelijke planten en dieren die thuishoren in het riviersysteem zijn mede daardoor verdwenen of komen nog maar in kleine aantallen voor. Daarom werkt Rijkswaterstaat Zuid-Nederland al geruime tijd aan ecologisch herstel. Dat gebeurt bijvoorbeeld door oevers en beekmondingen natuurvriendelijker in te richten en verschillende soorten geulen aan te leggen.
Terrassenmaas
Het deel van de Maas tussen Roermond en Mook wordt ook wel de Terrassenmaas genoemd. Dit verwijst naar het diep ingesleten dal, met aan de zijkanten omhoog lopende terrassen. Vele beken en lossingen stromen vanaf die flanken naar de rivier. De plek waar beek en rivier elkaar ontmoeten, is belangrijk voor waterplanten en -dieren om zich te kunnen vestigen en voort te planten.
Daarom wordt er als onderdeel van het ecologisch herstel van de Maas ook volop gewerkt aan het natuurvriendelijker inrichten van deze beekmondingen. Het gaat daarbij niet alleen om de plek van de uitmonding zelf, maar ook het deel van de beken dat door uiterwaard als geheel stroomt.
Besluitvorming
Wat er precies gaat gebeuren, staat beschreven in het Projectbesluit volgens de Omgevingswet. Dit is gepubliceerd in de Staatscourant en lag ter inzage van 2 april 2025 tot en met 13 mei 2025. Er zijn hierop geen beroepen binnengekomen. Het besluit is daarmee onherroepelijk.
In het Projectbesluit zijn naast de Kleefse beek nog twee andere maatregelen in de noordelijke Zandmaas opgenomen: Geul Leijgraaf Arcen en Monding Vorstermolenbeek, beide in de gemeente Venlo. Zie onderstaand kaartje.
Eerder lag het Ontwerp-Projectbesluit ter inzage van 4 december 2024 tot en met 14 januari 2025. Iedereen die dat wilde kon in die periode reageren op de plannen door een zogenoemde zienswijze in te dienen. Er zijn in totaal twee zienswijzen binnengekomen. In de reactienota bij het definitieve Projectbesluit staat beschreven hoe daar mee is omgegaan.

Verdere stappen
Voor de uitvoering is in maart 2026 de Combinatie Ploegam, GMB en Dura Vermeer als aannemer geselecteerd. Zij gaan een pakket aan KRW-maatregelen realiseren langs noordelijke Grensmaas, Zandmaas, Benedenmaas en Bergsche Maas, waaronder de maatregel Kleefse beek. Lees meer hierover in het nieuwsbericht Opdracht voor uitvoering 15 ecologische herstelmaatregelen langs de Maas verstrekt. De maatregelen moeten uiterlijk eind december 2027 zijn uitgevoerd.
Op dit moment is de aannemer bezig de uitvoering voor te bereiden. Als bekend is wanneer het werk buiten gaat beginnen, informeert Rijkswaterstaat de omgeving daarover. Dat gebeurt onder meer via deze website.
Onderstaand schema geeft een overzicht van de stappen in de besluitvorming en een doorkijk naar de uitvoeringsfase.

Maatregelgebied
De Kleefse beek stroomt onderlangs het buurtschap Smele richting de Oude Maasarm Heijen. Daar mondt de beek in uit, net boven de snelweg A77. Zodoende is de beek indirect met de Maas verbonden.
Een deel van het maatregelgebied van de Kleefse beek bij de uitmonding in de Oude Maasarm bij Heijen. Foto: ©Studio Retouched.
Het ontwerp
Het gaat bij deze maatregel om kleinschalige ingrepen om de natuurwaarde van de beek over een lengte van 700 meter te vergroten. Daarbij gaat het onder meer om het verwijderen van de aanwezige beschoeiing in de oevers en de Maaskeien op de bodem van de beekmonding. Ook wordt de waterloop via graafwerk licht slingerend gemaakt. In de buitenbochten komen steile oevers en in de binnenbochten juist flauw oplopende taluds.
Aan westzijde, tussen de Hoofdstraat en de Mergeldijk, wordt de beek over een lengte van 350 meter ongeveer 2,5 meter zuidwaarts opgeschoven. Dat gebeurt grotendeels binnen het grondeigendom van waterschap Limburg. Zodoende ontstaat aan de bovenzijde ruimte om een 5 meter breed beheerpad voor het waterschap aan te leggen. Dat is nodig om de beek goed te kunnen onderhouden met het juiste materieel.
Een wijziging ten opzichte van het eerdere ontwerp is dat het beheerpad voor het waterschap ter hoogte van 'de Smele' niet langer aan de noordzijde komt te liggen, maar aan de zuidzijde. Dit is bijgewerkt in onderstaande inrichtingsschets.
Bijna alle knotwilgen kunnen hierbij behouden blijven; slechts enkele exemplaren moeten wijken. De wandelroute ‘het Hèjs Rundje’ en de Maasheg hoeven niet te wijken voor het opschuiven van de beek; beide blijven bestaan.

Versterking natuurwaarde
Op verschillende plekken komen onder water bundels van aan elkaar geknoopte takken te liggen. Dood hout hoort van nature thuis in een gezond beeksysteem. Het trekt allerlei waterinsecten, zoetwatermosselen en andere nuttige waterdiertjes (macrofauna) aan. Ook zorgen de takkenbossen voor meer variatie in stroomsnelheden in het water.
De aanpassingen aan de Kleefse beek zorgen voor versterking van natuurlijke processen als afkalving en aanzanding en meer variatie in stroming en waterdiepte. Hoe gevarieerder de inrichting, hoe aantrekkelijker de beek is voor verschillende soorten waterdiertjes om zich te vestigen en voort te planten. Elk organisme stelt immers zo zijn eigen eisen aan zijn omgeving.
Begroeiing
Langs de zuidoever van de beek mag in zekere mate spontaan enig struikgewas tot ontwikkeling komen. Vegetatie is belangrijk voor de voortplanting van libellen en andere waterinsecten. Ook zorgt het groen voor schaduw. Met name in warme zomers voorkomt dit al te sterke opwarming van het beekwater. Waterdieren hebben zo betere overlevingskansen.
Ondanks deze begroeiing zal het gebied rond de beek een open karakter behouden. Het is niet de bedoeling dat er aaneengesloten dichte bosschages ontstaan.
Bufferzone
Rijkswaterstaat streeft ernaar om rond (een deel van) de beekmonding een bufferzone te realiseren om te zorgen voor een extra impuls voor het ecologische herstel. Een bufferzone is een strook land om de heringerichte beekmonding heen die ervoor zorgt dat gewasbeschermingsmiddelen en meststoffen van aangrenzende landbouwgebieden worden gefilterd en daardoor zo min mogelijk in het beekwater terechtkomen. De breedte van deze strook is afhankelijk van het beleid van het Waterschap Limburg, waar de Kleefse beek in beheer is.
Totstandkoming ontwerp en afstemming
Het ontwerp heeft vorm gekregen via een aantal ontwerpsessies met onder andere grondeigenaren, gemeente Gennep, Waterschap Limburg en de vereniging Hèjje Mojjer. Daarbij kwamen verschillende aandachtspunten naar voren, waar zo goed mogelijk rekening mee is gehouden in het ontwerp.
Andere KRW-maatregelen in deze regio
In de regio Gennep spelen nog enkele andere ecologische herstelmaatregelen: Oude Maasarm Heijen, Monding + geulen Heijense Leijgraaf en Geul Ossenkamp. Actuele informatie over de verschillende locaties vindt u via de klikbare kaart op de riviertakpagina Maas op deze website.
Meer weten of vragen?
Voor inhoudelijke vragen over deze maatregel kunt u contact opnemen met Rijkswaterstaat.
Meer algemene informatie over de maatregelen van Rijkswaterstaat voor ecologisch herstel van de Maas is te vinden op www.rijkswaterstaat.nl/maasoevers, via de nieuwsbrief en in deze brochure.